Groenlust

Oorspronkelijk maakte het latere Groenlust kavel 19 uit en was in handen gekomen van Abel Matthijszoon Burgh, die deze gronden verkocht aan Anthony Oetgens van Waveren.
Toen de laatste Oetgens van Waveren in 1758 zich terugtrok heeft Jan du Bois deze grond, die nog niet van Schoonoord was gescheiden gekocht.
Zooals we in de voorgaande bladzijden hebben gezien wordt een definitieve scheiding door een scheisloot pas in 1776 door de gerechte van ‘s-Graveland bevestigd.
Op 13 Mei 1761 transporteert Jan du Bois “een breijkweer lants of de Hofstede genaamt Rondom Welgevallen” groot 40 morgen aan, de Makelaar Jan Schoonhoven. Uit de grootte 40 Morgen (dus 2 kavels) en uit de belendingen blijken dat dit omvatte Groenlust en Schoonoord. Het gebied was ten noorden belend door Jacob de Leeuw Spiegelrust en ten zuiden door Jacob Roeters. Koopsom bedroeg F. 17.000,-.
Jan Schoonhoven eigenaar nu van deze twee kavels verdeelt ze voorloopig welke verdeeling in 1776 bekrachtigd wordt. Op 17 Januari 1767 verkoopt Jan Schoonhoven de zuidelijke helft “Rondom Welgevallen” voor F. 14.500,-
aan Francois Noel, die in 1775 als Hoofdingeland wordt benoemd. In 1779 is Noël nog eigenaar van Rondom Welgevallen, welke plaats hij nu ook wel Groenlust noemt, daat hij een huis van Gysbert Kroon op zijn grond staande koopt. Voor 1786 blijkt hij overleden te zijn daar zijn weduwe Maria Rebecca Simons op 1 Juli van dat jaar haar gevolmachtigde de hofstede laat transporteeren aan M. Stathius van Rhee.
Van Rhee was te Amsterdam woonachtig en blijkens het Album Studiosorum van Utrecht, afkomstig van Ootmarsum. Hij overleed te ‘s-Graveland 26 September 1800. Mevrouw de Weduwe van Rhee bleef hier wonen en machtigde haar makelaar Abel Langenhuyzen om Groenlust te verkoopen. 1O October had het transport plaats waarbij Vrouwe Maria Susanne van den Bosch, wed. van Mr. van Rhee de buitenplaats uit den hand verkocht.
Koper bleek te zijn Mr. Straalman. Mr. Matthys Straalman eerst eigenaar van Bousigt na 1771 bewoner van Trompenburg vergrootte dus zijn bezit in 1805 met Groenlust. Na 1808 volgde Mr. Anne Baron Straalman zijn vader op als eigenaar van de hofstede Groenlust. Na het overlijden van Baron Straalman in 1824 werden de verschillende bezittingen in het openbaar geveild. Omstreeks 1846 bewoonde Mevrouw Zeelt de buitenplaats.
Van Groenlust als aparte hofstede is niet veel meer over. In ’t midden der vorige eeuw nam de bebouwing langs de dorpsweg hand over hand toe. Inmiddels was het kerkgebouw van de Gereformeerde Gemeente omstreeks 1854 nabij de scheiding van Schoonoord en Groenlust verschenen. Thans herinnert niet veel meer aan de voormalige hofstede alleen de naam leeft nog voort.